Infobord radarsite

Tot na de Eerste Wereldoorlog had het tweede regiment Lansiers een kazerne in Sint-Truiden. Lansiers zijn ruiters en het spreekt voor zich dat zo een regiment veel plaats nodig heeft voor zijn oefeningen. In dezelfde periode was de commissie van de burgerlijke godshuizen van Sint-Truiden (voorloper van het huidige OCMW) de eigenaar van een groot terrein op het hoogste punt van Nieuwerkerken. Jarenlang werd er tussen beide onderhandeld over de overname van dat terrein door het leger.

Toen de Tweede Wereldoorlog uitbrak, waren die onderhandelingen nog niet afgerond. Het Duitse leger zag meteen de militaire mogelijkheden van dit terrein. Anders dan het tweede regiment Lansiers in Sint-Truiden, wilde de Duitse legerleiding geen jarenlange onderhandelingen. Zij namen gewoon in gebruik wat zij nodig vonden. Het Begijnenbos werd een Duitse radarsite. Vanaf 1941 beheersten twee gigantische radars de skyline van Nieuwerkerken. De site maakte deel uit van de zogenaamde Kammhuberlinie. Dat was een reeks radarsites die van Denemarken tot Frankrijk reikte en die bedoeld was om geallieerde bommenwerpers, die naar Duitsland vlogen, te ontdekken. Vanuit Nieuwerkerken werden de Duitse jagers op het vliegveld van Brustem achter Engelse en Amerikaanse bommenwerpers aangestuurd.

Na de oorlog werd het materiaal van de radars deels gerecycleerd voor militaire doeleinden en deels als bouwmateriaal. Als je nu in het gebied gaat wandelen, merk je als je goed oplet nog de betonnen funderingen van de Duitse installaties uit de Tweede Wereldoorlog.